Review Weet wie je eet

Weet wie je eet

Weet wie je eet

 

Door Tim Bruneel.

Weet wie je eet is het meest recente boek van Stijn Bruers. Stijn is doctor in de wetenschappen en de moraalwetenschappen. Zijn vorige boeken, onder meer Het Dierendebacle, waren dan ook behoorlijk academisch, maar bij dit boek pakt hij het heel anders aan. Het boek is een toegankelijke inleiding tot de ethische motivatie achter het veganisme. Het vertrekt vanuit de mindset van de vleeseter en probeert hem zo stap voor stap inzicht te doen krijgen in hoe zijn universele morele waarden botsen met zijn praktische eetgewoontes.

Het boek geeft zowel inzicht in de ethiek van het veganisme als in de foute denkpatronen en psychologische processen bij de vleeseter zelf. Zijn aanpak is gebaseerd op academisch psychologisch onderzoek met als doel het denken van de omnivore lezer te beïnvloeden zonder een defensieve reactie uit te lokken, een evenwichtsoefening die de dierenrechtenbeweging al jaren kopzorgen bezorgt.

Hoewel het boek vooral focust op dierenrechten, komen ook ecologie en gezondheid aan bod. Een doorwinterde veganist leert hier wellicht niet veel nieuws, wel bevat het boek voor activisten wat nuttige informatie over de psychologie van vleeseters. Het boek is echter vooral gericht naar vleeseters, en is dus een ideaal boek om te laten lezen door omnivore vrienden!

Daarom willen we jullie het volgende vragen: koop dit boek, mocht je het nog niet hebben gelezen, en leen het uit! Of vraag je lokale bibliotheek om (minstens) een exemplaar in hun collectie op te nemen!

‘Waarom ik mijn vrienden niet opeet’ – Matthieu Ricard

waarom_ik_mijn_vrienden_niet_opeet_isbn_9789025904630_1_1443067474

waarom_ik_mijn_vrienden_niet_opeet_isbn_9789025904630_1_1443067474‘Waarom ik mijn vrienden niet opeet’ is een vertaling van het recentste boek van de Franse boeddhistische monnik Matthieu Ricard, waarvan eerder al de bestseller ‘Altruïsme; De kracht van compassie’ verscheen.

Laat je niet door de titel misleiden, dit boek gaat over meer dan vlees eten alleen. Van voeding over kledij en dierenproeven tot dolfinaria en dierentuinen, alle vormen van uitbuiting van dieren komen aan bod. Laat je ook niet misleiden door de boeddhistische auteur, dit is geen zweverig spiritueel boek, maar een boek met harde feiten, wetenschappelijk onderbouwde argumenten en tal van academische bronvermeldingen. Het boek vertrekt vanuit de hedendaagse praktijk, maar schuwt algemene ethische en filosofische beschouwingen niet. Het doet daarvoor beroep op toegankelijke citaten van belangrijke ethici en filosofen: van Plato tot Peter Singer en van Kant tot Tom Regan. Ook tegenstanders van dierenrechten zoals Descartes en de Franse verdediger van stierengevechten Francis Wollf komen uitgebreid aan bod en worden ontleed. Dit maakt van dit boek een behoorlijk complete inleiding tot zowel alle praktische als theoretische aspecten van het veganisme en de dierenrechtenethiek, in een desalniettemin toegankelijk formaat. Wie meer wil, kan nog in de uitgebreide bronvermeldingen en bibliografie beginnen graven.

De Franse achtergrond van de auteur schemert duidelijk door in de zeer uitgebreide behandeling van het Franse stierenvechten en de focus op cijfers en regelgeving in Frankrijk. Maar ook Europese statistieken en regelgeving komen aan bod, iets wat in Amerikaanse boeken over dierenrechten vaak ontbreekt. Een minpuntje aan dit boek is de vertaling, waar ongebruikelijke Franse leenwoorden gebruikt worden (bijvoorbeeld abattoirs in plaats van slachthuizen en dresseur in plaats van trainers), en je soms te letterlijk de originele Franse zinsbouw in terug vind.

Conclusie: dit boek is een aanrader voor wie een inleiding wil tot alle praktische en theoretische aspecten van een vegan levenswijze en de dierenrechtenethiek.